| |
Stoomspinnerijen
Richard Arkwright was in 1789 de eerste textielfabrikant die de stoommachine
van James Watt inzette, zijn concurrenten stuurde spionnen en z'n werknemers
vertelden tegen betaling over de machine. Rond 1800 hadden de gebroeders
Murray een fabriek in Manchester van 8 verdiepingen met meer dan duizend
arbeiders, dat was op dat moment de grootste fabriek. Rond 1810: de
mule was de meest gebruikte spinmachine.
1840: 20% van de katoenfabrieken draaide op waterkracht, daarna bijna
alles met stoommachines.
Stoomweverijen
Handwevers bleven nog lang overheersen, ze waren de grootste beroepsgroep
van Lancashire. In 1815 had Lancashire 170 duizend wevers, dat was een
kwart van de werkende bevolking. Tot 1835 bleef het aantal handwevers
gelijk. Er werden wel weefmachines uitgevonden maar die sloegen niet
aan, in 1787 de eerste maar die had veel kinderziektes, 1788 werd een
fabriek in Manchester opgezet maar die werd in brand gestoken door wevers
die bang waren hun baan te verliezen. In 1802 werd het eerste winstgevende
stoomweefgetouw gebouwd, vanaf 1820 werden grote stoomweverijen opgericht.
Tot 1850 waren de handwevers nog werkzaam.
Hoe kwam het dat de handwevers nog zo lang werkzaam waren: - ze hielden
hardnekkig vast aan hun zelfstandigheid, na 1800 was hun gouden tijd
voorbij, ze waren met zoveel en hadden zoveel concurrentie van het stoomweefgetouw
ze gaven hun werk in 1835 op toen ze niets meer konden verdienen. -
Pas rond 1830 waren de belangrijkste kinderziektes van de stoomweefgetouwen
overwonnen. - Het kwam de ondernemers goed uit: ze hadden grote aantallen
thuiswerkers en een paar stoomweefgetouwen. In tijden van depressie
gaven ze de thuiswerkers minder werk en hoefden de dure machines niet
stil te staan.
|